Het opzet en engagement van Prostaatlijn vzw is prostaatkanker uit de taboesfeer halen en mensen bewust maken zich tijdig te laten onderzoeken.
Tevens willen wij iedereen die vragen heeft omtrent prostaatkanker een steun bieden om bezorgdheden en ervaringen met elkaar te delen.

Welkom op onze volgende activiteiten:


Ook dit jaar gaat ‘Praat met een Maat’ door in 15 verschillende Vlaamse steden/gemeenten.
‘Praat met een Maat’ wordt in 2026 mogelijk gemaakt dankzij de steun van de Nationale Loterij. Bedankt aan de spelers van de Nationale Loterij! Dankzij hen steunt de Nationale Loterij dit jaar voor het eerst onze ‘Praat met een Maat’ samenkomsten.
Behalve prostaatkanker lotgenoten zijn ook begeleidingsverpleegkundigen Freya De Cock en Kim Claus van AZ Sint-Blasius uit Dendermonde aanwezig zijn om vragen te beantwoorden.
‘Praat met een Maat’ is een laagdrempelig initiatief om prostaatkanker lotgenoten en hun naasten tezamen te brengen, geen inkom, geen inschrijving, geen registratie maar gewoon langskomen en plaats nemen aan tafels om te luisteren en/of te praten in een positieve sfeer, zoekende naar oplossingen rond de gevolgen van de meest voorkomende kanker bij mannen.
We kunnen prostaatkanker niet voorkomen maar we hopen de kanker te ontdekken en te behandelen alvorens hij uitzaait naar andere organen.
Bijwerkingen van behandelingen zoals bv hormoontherapie kunnen mogelijks verminderd worden en zaken zoals urineverlies en/of erectieverlies zijn bespreekbaar en kunnen veelal behandeld worden.
Lotgenoten contact helpt, je staat er niet alleen voor, welkom!





Op een infoavond komen mensen luisteren naar presentaties van een uroloog, een radiotherapeut en andere deskundigen die uitleg geven rond opsporing, diagnose en behandelingen van prostaatkanker.
Lotgenoten zijn uiteraard welkom maar we richten ons ook op 50-plussers die aan hun gezondheid denken en bv een PSA-waarde, een Gleason score willen begrijpen.
Na de uiteenzettingen is er mogelijkheid om vragen te stellen aan de sprekers en er zijn lotgenoten aanwezig die luisteren / antwoorden omtrent bedenkingen en ervaringen rond prostaatkanker, ook over moeilijke onderwerpen zoals bv urineverlies en/of erectieverlies of bijwerkingen van behandelingen.


Noteer alvast in jullie agenda:
donderdag 22 oktober 2026 – 14u – zal ons 4e CONGRES plaats vinden in dezelfde theaterzaal dan de voorgaande drie congressen, Ontmoetingscentrum Nieuwe Melac, Dorpsstraat 31, Gent-Zwijnaarde.
Meer info over sprekers en onderwerpen volgt.

Prof. dr. Dominique Vandijck, gezondheidseconoom UGent, co-CEO Stop Darmkanker vzw, beantwoordt onze vraag: ‘Waarom is er geen bevolkingsonderzoek naar prostaatkanker’?
Op eerste gezicht lijkt dit vreemd, want prostaatkanker is de meest voorkomende kanker in België. Waarom screenen we dan niet gewoon iedereen, zoals bij borstkanker of darmkanker?
Het korte antwoord is omdat screening alleen zinvol is als de voordelen duidelijk groter zijn dan de nadelen, en net daar wringt het schoentje op vandaag nog bij prostaatkanker.
Vanuit gezondheidseconomisch standpunt kijken we niet alleen naar ‘of’ iets kan, maar vooral naar ‘wat het oplevert aan gezondheidswinst in verhouding tot de mogelijke schade en de investering van middelen die daarvoor vereist is’. En bij prostaatkanker is dat evenwicht complex.
– Niet elke prostaatkanker is een probleem.
Veel prostaatkankers groeien zeer traag en veroorzaken nooit klachten. Een man kan ermee leven zonder er ooit last van te hebben. Als je iedereen systematisch gaat screenen, ga je dus ook veel kankers opsporen die nooit behandeld hadden moeten worden. Dat noemen we ‘overdiagnose’.
– Screening leidt (te) vaak tot overbehandeling.
Eens zo’n kanker ontdekt is, volgt vaak toch behandeling met mogelijke neveneffecten zoals incontinentie of erectiestoornissen. Vanuit economisch én menselijk perspectief betekent dat: schade veroorzaken bij mensen die misschien anders nooit klachten zouden ontwikkeld hebben.
– De screening is niet specifiek genoeg.
De meest gebruikte test, de PSA-bloedtest, is geen perfecte screeningstest. Een verhoogde PSA kan ook andere oorzaken hebben, zoals een goedaardige vergroting of ontsteking van de prostaat. Dat leidt tot extra onderzoeken, die belastend zijn en vaak ongerustheid veroorzaken.
– Beperkte winst op populatieniveau.
Screening kan wel levens redden, maar de winst is relatief beperkt in verhouding tot het aantal mannen dat gescreend en behandeld moet worden. Met andere woorden: je moet heel veel mensen testen en soms behandelen om een beperkt aantal sterfgevallen te voorkomen. Dat maakt het maatschappelijk moeilijk om zo’n programma breed te verantwoorden.
– Kosten en prioriteiten in de zorg.
Elke euro in de gezondheidszorg kan maar één keer uitgegeven worden. Vanuit gezondheidseconomie kijken we dus ook naar: waar halen we de meeste gezondheidswinst per geïnvesteerde euro? Vandaag leveren bevolkingsonderzoeken voor bijvoorbeeld darm- en borstkanker duidelijk meer op, met minder nadelen. Daarom krijgen die op heden prioriteit.
Betekent dit dat vroegdetectie niet belangrijk of geheel zinloos is? Zeker niet!
Wat we vandaag steeds meer zien, is een verschuiving naar ‘gerichte screening’. Mannen die een hoger risico hebben (bv. door leeftijd of familiale voorgeschiedenis) die samen met hun arts een goed geïnformeerde keuze maken over de voor- en mogelijke nadelen van preventief testen.
Het probleem is niet dat we prostaatkanker niet kúnnen opsporen, maar dat we het vandaag nog niet goed genoeg, gericht genoeg en zonder onnodige schade kunnen doen om een algemeen breed uitgerold bevolkingsonderzoek te verantwoorden.
Daar ligt ook de uitdaging voor de toekomst: betere testen, slimmere selectie van wie we screenen, en behandelingen die beter afgestemd zijn op het risico. Pas dan wordt brede vroegdetectie echt een win-win – voor de patiënt én voor de samenleving.

Dr. Cedric Goes, uroloog met specialisatie in de oncologische urologie en robotchirurgie, AZ Alma, Eeklo beantwoordt onze vraag: ‘Mannen met prostaatkanker die kiezen voor een prostaatverwijdering, worden naargelang de uroloog of het ziekenhuis na de operatie naar huis gestuurd met of zonder blaassonde, wat zijn de voor- en nadelen?
De keuze om iemand al dan niet met sonde naar huis te laten gaan, heeft te maken met de genezing van de verbinding tussen de blaas en de plasbuis (de vesico-urethrale anastomose). De sonde is een “beschermingsmechanisme” waarbij veiligheid steeds voor comfort gaat. Elke patiënt en ingreep verdient een individuele benadering.
Met blaassonde naar huis
Voordelen:
- Bescherming van de anastomose.
De sonde houdt de blaas leeg wat de druk op de hechting vermindert en dus ook het risico op lekkage.
- Minder risico op acute urineretentie.
Zwelling thv de anastomose kan het urineren tijdelijk verhinderen. Met een sonde wordt dit vermeden.
- Veilig bij verhoogd risico.
Bij moeilijke chirurgie (grote prostaat, eerdere ingrepen, radiotherapie…) biedt de sonde extra zekerheid.
- Vroeg ontslag mogelijk.
De thuissetting is vaak comfortabeler.
Nadelen:
- Ongemak.
Een sonde kan hinderlijk zijn door beperking in mobiliteit alsook tgv blaaskrampen en lekkage naast de sonde.
- Infectierisico.
Hoe langer aanwezig, hoe groter de kans op een urineweginfectie.
- Extra consult of opname ter verwijdering.
Zonder blaassonde naar huis
Voordelen:
- Meer comfort.
- Lager infectierisico.
- Sneller aanvatten van de functionele revalidatie.
Nadelen:
- Risico op urineretentie tgv zwelling thv de anastomose waardoor hersondage noodzakelijk kan zijn.
- Risico op urinelekkage indien de anastomose nog niet volledig “waterdicht” is. Met pijn en/of infectie tot gevolg én waardoor hersondage – door een reeds zwakke anastomose – noodzakelijk kan zijn.
- Meer nood aan laagdrempelige opvolging. Snel de gepaste zorg kunnen krijgen, is essentieel.
Bij een ongecompliceerde robotgeassisteerde radicale prostatectomie met perfecte anastomose kan een vroege – tot zelfs zeer vroege – verwijdering van de sonde veilig zijn, in een goed georganiseerd zorgpad. Bij twijfel wordt voor veiligheid gekozen en wordt de sonde langer ter plaatse gelaten.

Dr. Stefan Huybrechts, uroloog, robotchirurgie, Maria Middelares Ziekenhuis Gent, AZ Sint-Vincentius Deinze, beantwoordt onze vraag: ‘Een man met prostaatkanker heeft gekozen voor een prostaatverwijdering. Op de eerste afspraak na de operatie hoort hij van de arts dat de snijvlakken niet zuiver waren. Wat wil dat zeggen en wat zijn de mogelijke gevolgen?’
Een ingenomen chirurgische snijrand is een risicofactor voor herval na radicale prostatectomie. De omvang van de inname en of het zich op 1 of op verscheidene plaatsen voordoet is hierbij ook van belang.
Het risico op herval na een ingreep wordt echter ook bepaald door andere risicofactoren zoals een agressievere tumor, doorgroei voorbij het prostaatkapsel of inname van de zaadblaasjes.
Samengevat: een ingenomen chirurgische snijrand is een risicofactor voor herval met eventueel noodzaak tot bijkomende behandeling, maar het risico hierop wordt ook bepaald door andere ziektefactoren. Inname van het chirurgisch snijvlak kan dus ook nog steeds verenigbaar zijn met volledige genezing na een operatie. Een strikte opvolging is noodzakelijk.

Dr. Gino Pelgrims, medisch oncoloog, AZ Turnhout, antwoordt op onze vraag: ‘Wat wordt bedoeld met een bilaterale subcapsulaire orchidectomie en wanneer is het aangeraden als behandeling voor prostaatkanker’?
Een bilaterale subcapsulaire orchidectomie is een chirurgische ingreep waarbij het binnenste klierweefsel van beide teelballen wordt verwijderd, terwijl het kapsel en de uiterlijke vorm van de teelballen behouden blijven.
Het doel is de aanmaak van testosteron vrijwel volledig te stoppen, omdat testosteron prostaatkankercellen stimuleert om te groeien.
In tegenstelling tot een totale orchidectomie blijven de teelballen bij deze techniek optisch grotendeels intact, wat voor sommige patiënten psychologisch beter verdraagbaar is.
Wanneer wordt deze behandeling aangeraden?
Een bilaterale subcapsulaire orchidectomie wordt overwogen als vorm van androgendeprivatietherapie (ADT) bij prostaatkanker, vooral in deze situaties:
- Gevorderde of gemetastaseerde prostaatkanker, waar snelle en blijvende testosterononderdrukking nodig is.
- Wanneer hormonale injecties (LHRH-agonisten of -antagonisten) niet goed verdragen worden, medisch gecontra-indiceerd zijn, of wanneer therapietrouw moeilijk is.
- Wanneer een patiënt een eenmalige, definitieve oplossing verkiest boven regelmatige injecties.
- Bij nood aan onmiddellijke daling van het testosteron, aangezien de chirurgische weg sneller werkt dan de meeste medicamenteuze opties.
De werkzaamheid is gelijkwaardig aan hormonale medicatie, maar het effect is onomkeerbaar. Daarom gebeurt de keuze altijd in overleg, rekening houdend met de medische situatie én de voorkeur van de patiënt.

Dr. Yannic Raskin, uroloog in ZOL Genk met specialisatie in de oncologische urologie en robotchirurgie, beantwoordt onze vraag: ‘Welke voordelen heeft een prostaatverwijdering via de Retzius-sparing techniek voor de patiënt’?
De Retzius-sparende techniek heeft haar meerwaarde voornamelijk aangetoond op het vlak van de vroege continentie. Mannen die via deze methode worden geopereerd, hebben een hogere kans om sneller na de ingreep volledig droog te zijn; het herstel verloopt in de eerste maanden postoperatief doorgaans vlotter op dit vlak.
Hoewel de resultaten op lange termijn (12 maanden) nagenoeg gelijklopend zijn met de klassieke techniek, suggereren sommige studies ook op die langere termijn een blijvend voordeel. Vooral bij patiënten met een hoger risico op incontinentie lijkt deze winst op lange termijn toch relevant.
Wat betreft het behoud van de erectiele functie wordt deze techniek als minstens gelijkwaardig beschouwd. Het herstel van de potentie wordt in de eerste plaats bepaald door de mate waarin zenuwsparing oncologisch verantwoord is en door de chirurgische precisie van de zenuwsparende dissectie zelf, ongeacht de gekozen route.
Op oncologisch vlak is de Retzius-sparende benadering even veilig als de klassieke methode. Uit onderzoek blijkt dat er in centra met voldoende ervaring met deze techniek geen verschil is wat betreft snederanden. De kans op snederanden hangt samen met de graad van sparing van de omliggende structuren. De balans tussen sparen en radicaliteit is afhankelijk van de uitgebreidheid van de tumor en de voorkeur van de patiënt.

Dr. Laurens Weynants, uroloog in AZ Sint-Lucas Ziekenhuis in Gent beantwoordt onze vraag: ‘Ik heb jaren geleden een TUR-operatie ondergaan, transurethrale resectie / boring. Kan ik toch nog prostaatkanker krijgen?
Jazeker, u kunt nog steeds prostaatkanker krijgen. Hoewel de naam van de ingreep soms de indruk wekt dat de hele prostaat wordt verwijderd, is dat niet het geval. Om te begrijpen waarom u nog steeds risico loopt, is het belangrijk om de anatomie van de prostaat en de techniek van een TURP te kennen.
De prostaat lijkt op een mandarijn. De plasbuis loopt hier midden doorheen.
- Wanneer de prostaat vergroot, drukt het vruchtvlees (het binnenste weefsel) de plasbuis langzaamaan dicht, waardoor plasklachten zoals een zwakke straal kunnen ontstaan.
- De schil (het prostaatkapsel) houdt het vruchtvlees bijeen en is de plaats waar het merendeel van de prostaattumoren ontstaan. Zij staat niet in contact met de plasbuis en geeft dus geen plasklachten.
Bij de operatie “boort” de uroloog alleen het vruchtvlees weg om de plasbuis opnieuw meer ruimte te geven. De schil van de prostaat blijft achter in het lichaam. Laat dit nu net de plek zijn waar de meeste prostaattumoren ontstaan.
Een TURP is dus een operatie voor plasklachten en geenszins een preventieve maatregel tegen prostaatkanker. Het is daarom belangrijk om ook na de operatie alert te blijven! Zoals besproken situeren de meeste prostaatkankers zich aan de buitenzijde van de prostaat en geven in het beginstadium geen (plas)-klachten. We kunnen hier dus niet op afgaan om prostaatkanker op te sporen. Hiervoor nemen we onder andere onze toevlucht tot de PSA-test. Ook na dergelijke operatie is een periodieke controle van de PSA-waarde zinvol. Dit wordt best besproken met de huisarts of behandelend uroloog.

Prof. Dr. Charles Van Praet, onco-urologie & robotchirurgie UZ Gent beantwoordt onze vraag: ‘Zou het nuttig kunnen zijn om een PSMA-scan te doen, voorafgaand aan een prostaatverwijdering i.v.m. al of niet lymfeklieren mee te verwijderen?
Jazeker.
De pelviene lymfeklieren zijn vaak de eerste stations van uitzaaiingen van prostaatkanker. Het chirurgisch verwijderen van deze klieren en deze onder de microscoop onderzoeken, is nog steeds de betrouwbaarste manier om aan te tonen of deze klieren uitzaaiingen vertonen of niet. Dit wegnemen van de klieren gaat helaas wel gepaard met een langere operatie, en tot 3x meer kans op complicaties: onder andere een tijdelijke of blijvende zwelling van een been (lymfoedeem), een vochtcollecie in de buik die kan infecteren, of klontervorming in de ader van het been.
Een PSMA PET-CT die geen uitzaaiingen toont, verlaagt de kans om uitzaaiingen in de klieren te vinden, maar het sluit de aanwezigheid hiervan ook niet volledig uit. Alleen letsels van >3mm die PSMA tot uiting brengen worden immers gezien.
Wanneer een PSMA PET-CT geen verdachte lymfeklieren aantoont, overwegen we het wegnemen van de lymfeklieren enkel nog bij patiënten met “hoog-risico” prostaatkanker. We voeren dan “shared decision making” met de patiënt over de mogelijke voordelen en nadelen van zo’n lymfeklier verwijdering om gezamenlijk tot een beslissing te komen.

Door het taboe rond prostaatkanker is het in vele families niet duidelijk of opa ook prostaatkanker had of niet?
Erfelijkheid is naast leeftijd en etniciteit een heel belangrijke factor voor het ontwikkelen van prostaatkanker. Misschien kunnen we in deze periode ook eens aandacht tonen voor die oudere ‘buurman’ die de laatste maanden minder zichtbaar was?
Misschien heeft hij wel prostaatproblemen en durft hij de stap naar een behandeling niet zetten? Of misschien heeft hij na een behandeling last van bijwerkingen die voor hem psychisch zwaar wegen en waardoor hij helaas sociaal contact vermijdt?

Lotgenotencontact helpt!
Hoewel vzw Prostaatlijn de term ‘mensen met ervaringskennis‘ verkiest boven ‘lotgenoten’, wordt die laatste steeds gangbaarder in Vlaanderen. Het besef groeit dat vzw’s die lotgenoten samenbrengen, echt iets kunnen betekenen, vooral als ze zijn opgezet voor én door lotgenoten. Lotgenoten die bv kankermoeheid herkennen, hierover kunnen praten en mee oplossingen kunnen aanreiken.
Lotgenotencontact biedt meer dan alleen informatie en praktische tips over het omgaan met een ziekte en/of de gevolgen van een behandeling.
Lotgenotencontact geeft psychisch voldoening om situaties of gevoelens te herkennen uit eigen ervaring, hetgeen leidt tot erkenning: je ontdekt dat jouw eigen reacties normaal zijn en dat anderen vergelijkbare dingen hebben meegemaakt. Je bent niet alleen, jouw gevoel krijgt bestaansrecht.
Er ontstaan gedeelde gevoelens die steun bieden tijdens moeilijke tijden. Bijvoorbeeld, een lotgenoot met uitgezaaide prostaatkanker vertelt hoe hij zich na een zware hormoonbehandeling eindelijk weer ‘goed’ voelt en geniet van elke dag. Dergelijke ervaring kan je motiveren om alsnog die vervelende behandeling met bijwerkingen aan te gaan in de hoop zelf ook weer beter te worden.
Praten over je ervaring lucht op. Luisteren naar anderen met gelijksoortige verhalen helpt, je herkent je eigen problemen, verhaal of gedachten bij een ander. Je krijgt vrijblijvend inzicht in hoe zij hun uitdagingen aanpakten en een uiteindelijk een oplossing vonden. Je hoeft die andere lotgenoot niet volledig te kennen, de verbinding gebeurt op de raakvlakken, gedeelde ervaringen en emoties die jouw eenzaam gevoel mogelijks kunnen verdringen. Anderen bewandelden het pad waar jij nu op zit, en hun sprankje hoop kan jouw steunpunt worden.
Net als in 2025 zal Prostaatlijn vzw ook in 2026 tientallen samenkomsten met lotgenoten van prostaatkanker organiseren in Vlaanderen, welkom, ook aan de naasten!


Prostaatlijn vzw
Paradijskouter 51
9031 Gent-Drongen
Statuten gepubliceerd in Belgisch Staatsblad op 13 oktober 2022
Ondernemersnummer: 0792.436.946
Bankrelatie: KBC BE 32 7330 6918 7302
Voorzitter Johan Christiaen
0470 22 81 45
Ondervoorzitter Prof. dr. Dominique Vandijck

Advies Ronny Pieters
Prostaatlijn vzw doet beroep op onafhankelijke deskundigen om uw vragen op een wetenschappelijke manier te beantwoorden waarbij onze basiswaarde van ziekenhuis neutraliteit tezamen met respect én privacy bovenaan staan.
Professor dr. Dominique Vandijck – Gezondheidseconoom UGent en co-CEO Stop Darmkanker vzw superviseert onze medische artikelen.
Hoe gaat het met je prostaat?
Ook in België is prostaatkanker de meest voorkomende vorm van kanker bij mannen.
Praat erover met jouw huisarts!

Bij jonge mannen is de prostaat op gebied van grootte te vergelijken met een walnoot (bruine noten).
Bij het ouder worden neemt het volume van de prostaat meestal toe (witte noten).
De prostaat groeit zowel naar buiten als naar binnen waardoor hij nauwer sluit omheen de plasbuis. Vermits de plasbuis dwars door de prostaat loopt kunnen hierdoor plasklachten ontstaan, hetgeen vervelend kan zijn maar vermits dit een natuurlijk proces is noemen we dit een goedaardige prostaataandoening.
Helaas bestaan er ook kwaadaardige ontwikkelingen in de prostaat zoals prostaatkanker.
Wanneer de kankercellen enkel voorkomen binnen de prostaat dan spreken we over een niet-uitgezaaide prostaatkanker (lichtblauwe noten).
Treden de kankercellen buiten het kapsel en komen ze ook op andere plaatsen terecht dan spreken we over een uitgezaaide (gemetastaseerde) of uitgebreide prostaatkanker (donkerblauwe noten).
Moraal van dit verhaal:
Mannen laten best regelmatig hun prostaat nazien bvb vanaf de leeftijd van vijftig.

